De zorgregeling voor kinderen in tijden van Corona

Mag een ouder de omgang tussen de ouder in het buitenland en het kind tegenhouden? De rechtbank Den Haag deed hierover op 17 december 2020 uitspraak. In geschil is de tenuitvoerlegging van de zorgregeling tussen een kind en zijn moeder, die woonachtig is in Italië. De rechter beslist dat de zorgregeling ten uitvoer moet worden gelegd. Hoe is de rechter tot dit oordeel gekomen?

De rechter stelt vast dat de corona-situatie onvoorspelbaar is en dat overheden de maatregelen kunnen wijzigen. Dat betekent echter niet dat het niet in het belang van het kind zou zijn om de kerstvakantie bij zijn moeder in Italië door te brengen. Het kind is 10 jaar oud en voor de identiteitsontwikkeling van het kind is het van belang dat hij goed en regelmatig contact heeft met beide ouders. Internet en telefoon zijn geen vervanging voor dit fysieke contact. De rechter is verder van oordeel dat het reisadvies van de Nederlandse rijksoverheid niet in de weg staat aan de tenuitvoerlegging van bij rechterlijke uitspraak vastgelegde zorgregeling. Dit is een essentiële reis en anders dan een vrijwillig familiebezoek. De vader merkt terecht op dat er een risico bestaat dat het kind tijdens de reis besmet raakt, maar een besmettingsrisico is er in Nederland ook. Dit argument houdt dan ook geen stand. Tot slot merkt de rechter in de beschikking op dat het huidige advies (let op: in december 2020) van de Nederlandse rijksoverheid is dat minderjarigen onder de 12 jaar bij terugkomst uit een code oranje gebied niet in quarantaine hoeven.

De rechter is dan ook van oordeel dat de argumenten van de vader niet opwegen tegen het belang van het kind om de kerstvakantie bij de moeder door te brengen.

Meer nieuws