Zorgverdeling/omgangsregeling

Gelijkwaardig ouderschap

Bij de totstandkoming van de Wet bevordering voortgezet ouderschap en zorgvuldige scheiding in 2009 is veel aandacht besteed aan de norm gelijkwaardig ouderschap. Daarmee werd beoogd een kind over wie de ouders gezamenlijk het gezag uitoefenen het recht op gelijkwaardige verzorging en opvoeding te laten behouden na echtscheiding of het eind van een geregistreerd partnerschap dan wel einde samenleving. Deze norm ziet niet op een verplicht co-ouderschap na scheiding, met uitzondering daarvan in geval van praktische belemmeringen. Bij de invulling van het gelijkwaardig ouderschap zal de zorgverdeling, zoals dat was tijdens het huwelijk, de werktijden van ouders, de woonomstandigheden en bijvoorbeeld sport- en schooltijden van de kinderen een rol spelen (Kamerstukken I 2007/2008, 30 145, nr. C. p. 1 en 5).

Ouderschapsplan

Sinds de wetswijziging in 2009, worden ouders gedwongen stil te staan bij de gevolgen van de scheiding voor de kinderen en het vormgeven van het ouderschap na scheiding, doordat het maken van het ouderschap een verplichting is geworden. Alle scheidende ouders dienen op grond van de wet een ouderschapsplan te maken, anders zijn zij (in beginsel) niet ontvankelijk bij hun echtscheidingsverzoek.

De minimumeisen

De wet stelt slechts minimumeisen. Voor het overige zijn ouders vrij afspraken te maken. Het ouderschapsplan dient in elk geval afspraken te bevatten over de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken, het recht of de plicht tot omgang en de verdeling van de kosten van verzorging en opvoeding.

Praktische invulling

Onze advocaten en mediators helpen u bij de totstandkoming van het ouderschapsplan, waarbij zowel het belang van de kinderen als de (praktische) haalbaarheid van de afspraken in het oog wordt gehouden. Een goed ouderschapsplan houdt eveneens rekening met toekomstige omstandigheden.